SMART-doelen: zo schreef Doran het origineel in 1981
"We moeten beter communiceren." "Het project gaat de klanttevredenheid verhogen." Zulke doelen klinken goed in een stuurgroepvergadering, maar zes maanden later kan niemand zeggen of ze gehaald zijn. Het probleem is niet de ambitie – het is de formulering.
In 1981 publiceerde consultant George T. Doran een kort artikel in het tijdschrift Management Review met de prikkelende titel "There's a S.M.A.R.T. Way to Write Management's Goals and Objectives". Daar werd het acroniem SMART geboren, dat tegenwoordig in projectmanagementtrainingen over de hele wereld wordt gebruikt – vaak zonder dat iemand weet waar het vandaan komt of waar de letters oorspronkelijk voor stonden.
Wat zegt het onderzoek?
Dorans kernstelling was eenvoudig: doelen worden pas bruikbaar als ze concreet genoeg zijn om het handelen te sturen en op te volgen. Vage voornemens – "beter worden", "de kwaliteit verhogen" – geven geen richting en geen manier om te weten wanneer je klaar bent. In het originele artikel stond SMART voor Specific (specifiek: wijs een afgebakend verbetergebied aan), Measurable (meetbaar: benoem een indicator voor voortgang), Assignable (toewijsbaar: zeg wie het gaat doen), Realistic (realistisch: haalbaar met de beschikbare middelen) en Time-related (tijdgebonden: zeg wanneer het resultaat er moet zijn).
Twee details worden vaak vergeten. Ten eerste: de A stond oorspronkelijk voor assignable – iemand is eigenaar van het doel – en niet voor "geaccepteerd" of "aantrekkelijk", zoals latere varianten beweren. Een doel zonder eigenaar is een wens. Ten tweede was Doran pragmatisch: hij schreef uitdrukkelijk dat niet elk doel in elke situatie aan alle vijf de criteria hoeft te voldoen. SMART is een checklist die het denken aanscherpt, geen bureaucratisch keurslijf.
Doran presenteerde geen statistisch onderzoek – het artikel is gebaseerd op zijn ervaring met bedrijfsplanning. Maar het idee heeft standgehouden omdat het iets vangt waar later doelenonderzoek ook op wijst: heldere, concrete doelen sturen gedrag beter dan vage.
Wat betekent dit voor jou als projectmanager?
Toets je projectdoelen aan de vijf vragen: Wat moet er precies veranderen? Waaraan merken we dat? Wie is de eigenaar? Is het haalbaar met het budget en de mensen die we hebben? Wanneer moet het klaar zijn? Op een doel dat alle vijf doorstaat, kun je sturen. Een doel dat op drie ervan sneuvelt, wordt door opdrachtgever, team en stuurgroep verschillend geïnterpreteerd – en dat ontdek je pas als het duur is geworden.
Gebruik SMART ook bij de kleine beslissingen van alledag, niet alleen in de projectopdracht. Als een stakeholder zegt "dit moet beter", is het jouw taak om te vertalen: "Wat zou 'beter' concreet betekenen, en wanneer moet je het zien?" Die vertaalslag is een van de waardevolste vaardigheden van een projectmanager.
En onthoud assignable: als jullie in een vergadering doelen formuleren, sluit dan nooit af zonder dat er naast elk doel een naam staat. Het is ongemakkelijk op het moment zelf en onbetaalbaar achteraf.
Zo train je dit
Scherpe doelen formuleren klinkt op papier eenvoudig, maar is lastig in een echt gesprek, wanneer een opdrachtgever ongeduldig is of een teamoverleg alle kanten op schiet. Daarom laat Project-simulator je precies zulke gesprekken oefenen tegen AI-tegenspelers en krijg je daarna feedback op hoe concreet, meetbaar en tijdgebonden je formuleringen werkelijk waren – op basis van je eigen woorden. Je kunt het een week gratis proberen op project-simulator.com.
In Project-simulator oefen je deze gesprekken met een AI-tegenspeler en krijg je feedback die is gebaseerd op onderzoek zoals dit.
Probeer 7 dagen gratis